Net Promoter Score (NPS)

Net Promoter Score (NPS) meet hoe waarschijnlijk het is dat klanten je merk aanbevelen, op een schaal van -100 tot +100. Inclusief formule, benchmarks en hoe je de score verbetert.

Net Promoter Score (NPS) is een metric die meet hoe waarschijnlijk het is dat klanten je merk aanbevelen aan iemand anders. Hij wordt berekend uit één enquêtevraag, op een schaal van 0 tot 10, en levert een score op tussen -100 en +100.

Korte versie: NPS vertelt je hoe loyaal je klanten zijn aan het merk als geheel, niet hoe ze één specifieke interactie ervoeren.

Hoe wordt NPS berekend?

De vraag luidt: "Op een schaal van 0 tot 10, hoe waarschijnlijk is het dat je ons aanbeveelt aan een vriend of collega?" De antwoorden vallen in drie groepen:

  • Promoters (9-10): Loyale klanten die je actief aanbevelen.
  • Passives (7-8): Tevreden maar niet enthousiast. Ze kunnen overstappen.
  • Detractors (0-6): Ontevreden klanten die je merk via mond-tot-mond kunnen schaden.

De formule is simpel:

NPS = % Promoters minus % Detractors

Voorbeeld: 100 klanten reageren. 50 zijn promoters, 30 passives, 20 detractors. NPS = 50% minus 20% = 30. De passives komen niet rechtstreeks voor in de formule, maar drukken de score wel omdat ze het aandeel promoters verkleinen.

Wat is een goede NPS-score?

Het hangt sterk af van branche, regio en hoe je de enquête uitstuurt. Globale benchmarks:

  • Boven de 50: Uitstekend. Vaak gezien bij toonaangevende merken.
  • 20 tot 50: Goed. Hier zit de meerderheid van de gezonde bedrijven.
  • 0 tot 20: Middelmatig. Kijk waar je verliest.
  • Onder de 0: Slecht. Meer detractors dan promoters. Pak de onderliggende oorzaken aan.

Ga niet zitten staren op de absolute score. De trend over tijd is belangrijker dan het getal zelf, en benchmarks kunnen 30 punten of meer verschillen per branche. Een SaaS-NPS van 40 kan laag zijn voor die markt; een telecom-NPS van 20 kan juist uitstekend zijn.

NPS vs CSAT vs CES

Deze drie metrics meten verschillende dingen. Ze door elkaar halen is de meest gemaakte fout.

  • NPS: Hoe loyaal is de klant aan het merk? Stuur kwartaal- of mijlpaalenquêtes.
  • CSAT: Hoe was deze specifieke interactie? Stuur na elk afgesloten ticket.
  • CES: Hoe makkelijk was het om hulp te krijgen? Bedoeld om frictie in je supportproces te vinden.

CSAT en CES zijn tactisch, bruikbaar om dagelijkse support te verbeteren. NPS is strategisch, bruikbaar om de gezondheid van het merk op de lange termijn te volgen. De meeste volwassen teams meten alle drie, op verschillende cadansen.

Wanneer gebruik je NPS?

NPS werkt het best als:

  • Je één getal wilt om merksentiment over tijd te volgen.
  • Je trajecten vergelijkt over kwartalen of jaren, niet interacties.
  • Je genoeg klanten hebt voor een stabiele score. Bij kleine samples slingert NPS hard heen en weer.

Hij is minder bruikbaar voor:

  • Specifieke supportproblemen diagnosticeren. CSAT en CES doen dat beter.
  • Heel kleine bedrijven, waar elke detractor de score flink verschuift.
  • B2B-teams met heel weinig klanten, waar NPS meer anekdotisch dan statistisch is.

Hoe verbeter je je NPS?

De meeste NPS-winst komt uit een paar patronen:

  • Lees de comments, niet alleen de score. Het getal vertelt je of klanten je zouden aanbevelen. De vrije tekst vertelt je waarom wel of niet. Daar zitten de echte verbeterpunten.
  • Sluit de loop met detractors. Opvolgen bij detractors doet twee dingen: het geeft je het diepste inzicht in wat er stuk is, en een niet onaanzienlijk deel van die klanten verandert in promoters als hun klacht serieus wordt opgepakt.
  • Niet middelen over segmenten. Een gemiddelde NPS van 30 kan één segment van 60 en een ander van 0 verbergen. Segmenteer naar plan, regio, anciënniteit of use case om de echte patronen te zien.
  • Volg de trend, niet de absolute score. Een NPS van 25 die stijgt is gezonder dan een NPS van 45 die zakt.

NPS in klantenservice

Support is een van de grootste hefbomen op NPS, zeker in e-commerce. Klanten met een slechte supportervaring worden zelden promoter. Klanten met een goede ervaring vaak wel.

Bij Neople-klanten zien teams die hun post-purchase-supportervaring hebben verbeterd de NPS in zes maanden met 8 tot 20 punten stijgen. Dezelfde producten, dezelfde klanten, een andere supportjourney. De CSAT-impact is sneller, maar de NPS-impact zie je terug in retentie.

Veelgemaakte fouten

  • NPS als ijdelheidsmetric behandelen. De score zelf is minder bruikbaar dan de comments en de trend.
  • Te vaak enquêteren. NPS-moeheid is een ding. Eens per kwartaal is voor de meeste teams genoeg.
  • NPS verwarren met CSAT. Ze meten andere dingen, op andere cadansen.
  • NPS koppelen aan individuele bonussen van medewerkers. Dat zet aan tot het manipuleren van de score in plaats van het verbeteren van de ervaring.

FAQs

Hoe wordt NPS berekend?
Wat is een goede NPS-score?
Wat is het verschil tussen NPS, CSAT en CES?

Automatiseer tot 80% van inkomende klantvragen

Zet een Neople in op je meest herhaalde vragen om je team tijd te besparen en meer plezier te herontdekken in je klantinteracties.

Boek een gratis demo
80%
20%
Routinewerk
Werk met een hoge impact